Minder-Hinder

We vallen best meteen met de deur in huis: infrastructuurwerken zonder hinder bestaan niet. Daar kunnen we helaas niets aan veranderen. Wat kunnen we wel? Alles op alles zetten voor zo min mogelijk hinder. Hoe we dat doen, lees je hieronder.

Een bereikbaarheidsadviseur voor (bijna) al je vragen

De Werkvennootschap schakelt bij grote infrastructuurwerken een bereikbaarheidsadviseur in. Hij is de tussenpersoon tussen het bouwteam en de ruime omgeving, waaronder handelaars, omwonenden, weggebruikers, … Samen met het communicatieteam informeert hij iedereen over het reilen en zeilen op de werf.

De job van bereikbaarheidsadviseur is tweeledig. Enerzijds zorgt hij voor goede werfcommunicatie. Hij informeert de omgeving onder meer over de aard en de omvang van de werken, de fasering, de verkeersomleidingen en de mogelijke hinder. Zo krijgt iedereen een realistisch beeld van de werf. Anderzijds waakt hij over ieders bereikbaarheid, waarbij bereikbaarheid veel verder reikt dan de eigen oprit. De bereikbaarheidsadviseur geeft ook advies over omleidingsroutes, signalisatie en werforganisatie.

Waarvoor is hij niet verantwoordelijk?

De bereikbaarheidsadviseur is geen projectmanager, ontwerper, werfleider of mobiliteitsdeskundige. Hij zat met andere woorden niet aan de tekentafel, is niet betrokken bij de technische opvolging van de werken of is niet verantwoordelijk voor de handhaving op de openbare weg. De bereikbaarheidsadviseur is wel van alle markten thuis en goed op de hoogte om zo de juiste personen te informeren en betrekken. Kortom, hij vertaalt wat er leeft op de werf en zet de verantwoordelijke diensten aan het werk, die de uiteindelijke verantwoordelijkheid dragen.

Veelgestelde vragen over Minder-Hinder

Waarvoor kan je bij de bereikbaarheidsadviseur terecht?
Ontdek op deze pagina de meest gestelde vragen over bereikbaarheid, veiligheid, enz. die aan het Minder-Hinder team worden gesteld.

Heb je een specifieke vraag over hinder?

Selecteer de werf waarover je een vraag hebt en stel je vraag via het formulier onderaan op deze pagina.


Veelgestelde vragen over Minder-Hinder

 

Nutswerken: wie, hoe en waarom?

Nutsmaatschappijen staan in voor de verdeling van gas, water, elektriciteit, telefoon, internet of straatverlichting. Denk bijvoorbeeld aan Fluvius, De Watergroep of Telenet en Proximus. Voor de start van de hoofdwerken verplaatsen (en vernieuwen) zij de kabels en leidingen naar de buitenkant van het openbaar domein. Zo maken ze letterlijk plaats voor de aanleg van de nieuwe riolering en weginfrastructuur.

De nutsmaatschappijen werken voor eigen rekening. Ze zijn met andere woorden zelf verantwoordelijk voor de werken, de werfinrichring en de plaatsing en opvolging van de signalisatie. Daaronder valt ook de communicatie met de bewoners. Nutsmaatschappijen moeten aangelanden informeren over de toegankelijkheid of over het onderbreken van de nutstoelevering tijdens de huisaansluitingen.

De Werkvennootschap zal doorgaans ook actief communiceren over de start en het verloop van de nutswerken, maar is voor deze voorbereidende werken niet de bouwheer.

Is mijn woning altijd met de auto bereikbaar?

Dit is zowat de ‘vraag van één miljoen’. Het uitgangspunt is dat woningen maximaal bereikbaar blijven. Te voet en met de fiets is dat trouwens steeds het geval. Op het einde van de werkdag en tijdens de weekends zorgt de aannemer ervoor dat de oprit bereikbaar is, tenzij anders overeengekomen. Hij dicht putten en sleuven met minder-hindersteenslag of legt rijplaten. Dit is een aannemerslast en staat ook zo in de bestekken beschreven.

Echter zijn er ook momenten waarop de toegang met je auto niet mogelijk is. Bijvoorbeeld wanneer de aannemer een sleuf trekt (riolering of nutsleidingen), hij de lijnvormige elementen stort of de onder- en toplagen aanbrengt. De onderbreking varieert van één dag tot meer dan een week, afhankelijk van de werken en de materiaalkeuze. Zo is een rijweg in asfalt al na één dag gebruiksklaar terwijl een betonnen rijweg veel langer moet uitharden.

Communicatie en wederzijds begrip staan hierbij centraal. Bewoners zullen steeds zo goed mogelijk geïnformeerd worden over de toegankelijkheid tijdens de werken, maar worden tegelijk verondersteld begrip te hebben voor de eventuele hinder.

Hoe organiseren jullie de afvalophaling tijdens de werken?

De afvalophaling blijft steeds gegarandeerd. Ook de afvalkalander blijft doorgaans ongewijzigd.

De ophaling kan daarentegen wel anders ingevuld worden, in functie van de aard van de werken. Veel zal afhangen of de huisvuilwagen nog in de straat geraakt waar gewerkt wordt. Is dat het geval, dan zet je je afval zoals gewoonlijk buiten, eventueel aan de kant waar er (nog) niet gewerkt wordt.

Is de rijweg onbereikbaar dan vragen wij aan bewoners om het huisvuil te verzamelen op de hoeken van de straat. Wij communiceren deze afspraken steeds duidelijk en ruim op voorhand met de bewoners in de werfzone.

Wanneer werkt jullie aannemer?

De uren waarop een aannemer mag werken zijn bepaald in het politiereglement. Dat verschilt per gemeente. Maar doorgaans mag er gewerkt wordt tussen 7 uur ’s morgens en 22 uur ’s avonds. Moet de aannemer hiervan afwijken, dan vraagt hij de toestemming aan het gemeentebestuur. Bewoners worden dan ook op de hoogte gebracht.

Houd er echter rekening mee dat arbeiders meestal al vroeger op de werf aankomen, vanaf 6.30 uur ’s morgens ongeveer. Ze maken zich klaar en laden materiaal uit om de werkdag te beginnen. Het geluid van machines en trillingen zal meestal niet vroeger dan 7 uur starten.

Hoe houden jullie de buurt proper?

Eerst en vooral zorgt de aannemer ervoor dat hij de werf op het einde van de werkdag netjes afsluit en erover waakt dat er geen materiaal rondslingert. Bijvoorbeeld bij intensief grondverzet en nat weer kunnen werfwagens bij het verlaten van de werf gereinigd worden. Op geregelde tijdstippen kunnen borstelwagens de weg borstelen. Alle woningen en straten intensief reinigen is daarentegen niet gebruikelijk.

Ik heb schade. Wat nu?

De kans op een bluts of buil is niet ondenkbaar. Er kan lichamelijke schade zijn, maar ook schade aan een voertuig of woning (en alles daarrond). Als je van mening bent dat dit het gevolg is van wegenwerken, kan je de schade op de tegenpartij verhalen. In principe is dat steeds de verantwoordelijke aannemer. Deze is verplicht de nodige verzekeringen (ABR-polis) te hebben.

Om aanspraak te maken op een vergoeding, moet je een goed dossier samenstellen. Je contacteert eventueel de politie zodat die een proces-verbaal (pv) kan opmaken. Lukt dat niet of is dat niet nodig, dan zorg je zelf voor voldoende bewijsmateriaal (foto’s). Daarnaast neem je best contact op met je verzekeringsmaatschappij die je met raad en daad zal bijstaan. De afhandeling van het dossier gebeurt dan tussen de maatschappijen van de betrokken partijen.

Onthoud daarentegen dat we steeds open staan voor dialoog. Aarzel niet om langs te komen in de werfkeet of om de bereikbaarheidsadviseur te contacteren voor eventuele rechtstreekse (minnelijke) afspraken.

Kunnen de hulpdiensten steeds tot aan mijn woning?

De hulpdiensten ontvangen steeds de signalisatie- en werfinrichtingsplannen zodat zij weten waar welke werken worden uitgevoerd. Zo kunnen ze hun aanrijroutes daarop afstemmen.

Samen voor meer veiligheid op de werf. Hoe?

Enkele vuistregels:

  • Moet je niet in de werfzone zijn, blijf er dan zo veel mogelijk weg.
  • Houd voldoende afstand van machines, kijk goed uit voor putten en blijf uit de draaicirkels van werfverkeer.
  • Respecteer de verkeersborden: volg ze op en verplaats ze niet.
  • Luister wanneer nodig naar de werfleiding en volg de instructies op.

Benieuwd wat de mijlpalen zijn voor 2019? Lees het in ons jaarverslag

Heb je een specifieke vraag over hinder bij een project in uitvoering?